|
Hoe
belangrijk is chloor voor drinkbaar water?
Water
ontsmetten is een prioriteit voor de volksgezondheid. Chloor is één
van de weinige middelen die hiervoor kunnen gebruikt worden. Bovendien
is het het enige middel met een blijvend effect. Een kleine hoeveelheid
chloor beschermt het water ononderbroken tegen besmetting: vanaf het
waterzuiveringsstation, via het distributienet tot in de waterkraan.
Slechts
3 % zoet water
- Op
het aardoppervlak bevindt zich 1,35 miljard km3 zout water
in de oceanen;
- zoet
water vertegenwoordigt nauwelijks 3 % van die hoeveelheid. Het zit
voor 60 % weggeborgen in ijsmassas en eeuwige sneeuw en is voor
de overige 40 % beschikbaar voor de mens in oppervlaktewater en grondwater;
- om
zoet water drinkbaar te maken, moet je het vrijmaken van drijvende
voorwerpen, zwevende deeltjes, vervuilende stoffen en micro-organismen
die drager kunnen zijn van ziektekiemen.
Wat
zijn de risicos van besmet water?
- Volgens
de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en UNICEF sterven er jaarlijks
2,2 miljoen mensen aan ziekten veroorzaakt door het gebruik van biologisch
onzuiver water en door gebrek aan hygiëne; één
vijfde van de wereldbevolking beschikt niet over veilig
drinkbaar water;
- deze situatie
zal nog verergeren door de groei van de wereldbevolking van 6 miljard
vandaag tot 7,3 à 8,3 miljard mensen in 2025;
- in
onze streken veroorzaakt dergelijk water gezondheidsproblemen zoals
diarree, meestal vergezeld van maagpijn en braken;
- naast
deze redelijk onschuldige maag- en darmaandoeningen, bestaat nog steeds
het gevaar voor veel ergere ziekten zoals kinderverlamming, hepatitis
A, tyfuskoorts en cholera;
- de
ernst van de besmetting wordt bepaald door drie factoren: het type
ziektekiem, de manier van overbrengen en het profiel van de aangetaste
persoon. Jonge kinderen, bejaarden en zieken lopen het grootste risico;
- de
besmetting gebeurt door het drinken van, of eten bereiden met, verontreinigd
water, maar ook via het toilet of zelfs langs de ademhaling;
- de
ontsmetting kan zowel fysisch gebeuren (koken of ultraviolet licht)
als chemisch (chloorderivaten of ozon).
Verschillende
stadia van waterbehandeling
- Wat
op het water drijft (dode vissen, diverse voorwerpen, algen,
)
wordt verwijderd door roosters, microzeven en bezinkingssystemen;
- de
microscopisch kleine deeltjes die niet worden tegengehouden, worden
samengeklonterd via scheikundige producten, de zogenaamde vlokmiddelen
of floculenten, bijvoorbeeld aluminium- of ijzerzouten die de microdeeltjes
naar de bodem van de bezinkput doen zakken;
- bij
de uitlaat van de put bevat het water nog opgeloste, soms giftige,
stoffen of een teveel aan ijzer, mangaan, enzovoorts. Om dit te verhelpen
worden in het biologisch zuiveringsstation door beluchting zuurstof
in het water gebracht en worden bacteriën toegevoegd;
- via adsorptie
door actieve kool
worden resten van
bestrijdingsmiddelen, detergenten en dergelijke verwijderd. Ook reuk-
en smaakproblemen worden hierdoor opgelost;
- na
die behandeling is het water helder maar daarom nog niet drinkbaar.
Het moet nog worden vrijgemaakt van ziektekiemen;
- chloor,
onder de vorm van chloorgas
of als natriumhypochloriet ,
is veruit het oudste en meest gebruikte kiemdodend middel. Een goede
waterontsmetting vereist een kleine hoeveelheid chemisch kiemdodend
middel en dit in een bepaalde concentratie gedurende een voldoende
lange tijd;
- tenslotte
dienen nog de overblijfselen van de afgestorven micro-organismen verwijderd
te worden. Het water wordt daartoe door een dikke laag zand (minstens
3 meter) gestuwd. Daarna is het drinkbaar;
- het
water moet zijn drinkbare eigenschap behouden doorheen het ganse distributienet,
ook als het een tijd stilstaat. Alleen chloor heeft die eigenschap,
remanentie genoemd. Het water blijft ontsmet over het hele
traject van leidingen, pompen, opslagtanks, watertorens, tot in de
waterkraan. Andere
middelen zoals ozon en ultraviolet licht hebben slechts tijdelijk
een ontsmettende werking.
Installatie
voor de bereiding van drinkwater
|